Nieuws

‘Mobieltjes hacken versloeg jihad’


Niet de extra troepen of krachtige raketten, maar mobieltjes afluisteren keerde voor de Amerikanen de oorlog in Irak.

Tot die conclusie komt het doorgaans goed ingelichte Amerikaanse blad National Journal na interviews met mensen uit de inlichtingenwereld. In 2007 begonnen Amerikaanse spionagediensten een cyberattack op de mobiele telefoons en computers van opstandelingen in Irak die werden gebruikt om langs de weg bomaanslagen te plegen.

Vooral mobieltjes zijn in Irak belangrijk om aanslagen te coördineren en om berichten en video’s van de aanslagen te plaatsen op internet. Met de berichten en de video’s werven de opstandelingen volgelingen.

De Amerikanen wisten de mobiele netwerken van Irak te hacken. Zo konden de Amerikanen hun tegenstanders misleiden met valse informatie. In een aantal gevallen zijn onwetende leiden opstandelingen door valse berichten rechtstreeks naar wachtende Amerikaanse soldaten geleid, waar ze werden neergemaaid.

Volgens voormalige medewerkers van de Bush regering, heeft deze operatie geholpen het tij van de oorlog te keren, meer nog dan de duizenden extra troepen die de regering stuurde. Het hacken heeft de CIA de kans gegeven enkele van de meest invloedrijke opstandelingen te doden.

Niet alleen de VS gebruikt deze technieken, ook de Russen zijn inmiddels behoorlijk behendig als het om cyberwapens gaat. Tijdens de aanval op Georgië vorig jaar, werden communicatienetwerken van de Georgische regering redelijk eenvoudig lam gelegd door de Russen. Ze zorgden daarmee voor verwarring en paniek in het Georgische leger, waardoor Rusland redelijk eenvoudig kon toeslaan.

F001/3189