Nieuws

Technische verbeteringen in sport


Foto's: Jio-JL, John Slade, Bjarte Hetland, Patricio Lorente.

Kunststof polstok
Tot in de jaren zeventig gebruikten polstokhoogspringers polstokken van hout of bamboe. Toen kwamen de kunststof, aluminium en koolstof stokken. Vooral de stap van hout naar kunststof zorgde voor een revolutie. Hoogspringers verbeterden hun prestaties met gemiddeld 419 procent na de introductie van deze stok. Bijkomend voordeel: deze stok breekt minder snel.

Roei-ergometer
De grootste verbetering aller tijden, zo rekenden sportwetenschappers uit. Tot 1980, toen dit apparaat werd uitgevonden, verbeterden roeiers gemiddeld 1,22 procent per Olympische Spelen. Bij de volgende Olympische Spelen sprong dit omhoog naar 7,42 procent. Het bood roeiers bovendien een trainingsmiddel voor dagen met slecht weer.

Klapschaats
Na introductie van deze schaats met het klapmechanisme in 1996 sneuvelden records die al jaren stonden. Deze schaats brengt de kracht van de kuitspieren beter over op het ijs, waardoor de schaatser harder af kan zetten. In technische termen: je hebt een hoger mechanisch rendement van de beweging.

Fosbury flop
Tot de Olympische Spelen van 1968 sprongen hoogspringers met hun gezicht naar beneden over de lat. Toen bedacht een Amerikaanse atleet met de naam Bob Fosbury dat het anders moest. Hij benaderde de lat van de zijkant en sprong er met zijn rug naar beneden overheen. Vanaf de jaren zeventig wordt deze techniek algemeen gebruikt en steeg de prestatie van de gemiddelde hoogspringer bij de Spelen met 84 procent.

Bron: The Royal Statistical Society.

Follow Faqtman on Twitter