Nieuws

Mens kiest beste werpgewicht


De hardnekkige illusie dat grote voorwerpen lichter aanvoelen dan even zware kleine voorwerpen blijkt een nuttige aanpassing.

De zogeheten ´gewicht-omvang´ illusie intrigeert bewegingswetenschappers en psychologen al langer. Iedereen kent het gevoel waarschijnlijk wel: een groot object voelt lichter dan een even zwaar klein object. Het lijkt erop dat het brein ´verwacht´ dat het grotere object, omdat het groter is, zwaarder is. Waarschijnlijk, denken onderzoekers, heeft dit ´automatische´ inschatten van gewichten door de menselijke hersenen te maken met een uniek menselijke vaardigheid: over langere afstand met stenen en speren gooien. Dat was in de oertijd van levensbelang om gevaarlijke wilde dieren als mammoeten te vellen.

Goede steen, goede worp

Om efficiënt te kunnen gooien is een goede balans tussen gewicht en omvang van het geworpen object belangrijk. Daarom is in de oertijd bij de mens een natuurlijke aanleg ontstaan om gewichten in te schatten, is de theorie. Net zoals het vermogen om taal aan te leren bij mensen zit ingebakken.

Onderzoekers van de Arizona- en Indiana-universiteiten, V.S., onderzochten dit idee. Proefpersonen kregen zes series van acht bollen aangeboden, die ze moesten wegen in hun hand. Binnen een serie was de grootte van de bollen gelijk, maar liep het gewicht stapsgewijs op. De zes series liepen in grootte op, van het formaat van een knikker tot ongeveer dat van een honkbal.

De grafiek tussen het gekozen bol-gewicht en de grootte leverde een rechtlijnig verband: naarmate de bollen groter werden, steeg het gekozen gewicht. Sterke steun, volgens de onderzoekers, voor een juiste inschatting van het beste werp-object. Hoezeer die inschatting ingebakken in de hersenen zit, bleek uit een tweede serie experimenten.

Nu kregen proefpersonen een eerder als goed werpobject gekozen bol te wegen, en moesten daarna van in willekeurige volgorde aangeboden bollen zeggen welke in gewicht en grootte het meest op de voorbeeld-bol leek. De schattingen bleken nagenoeg foutloos: de grafiek van gewicht tegen grootte liep vrijwel gelijk aan die uit het eerste experiment.

Bron: Evolution&Human Behaviour, juli 2011; Beeld: Flickr.