Nieuws

Ene taal moeilijker te lezen dan andere


Anders dan praten, is lezen niet evolutionair aangelegd in onze hersenen. Tot tweehonderd jaar geleden was lezen voorbehouden aan de elite, dus we lezen nog niet lang genoeg om een evolutionaire aanpassing in ons brein te verwachten.

En dus leren we lezen door bestaande netwerken in onze hersenen te gebruiken. Om bijvoorbeeld te leren welke klanken bij bepaalde letters horen. Hangt het nu van de taal af die je leert, welke vaardigheden je gebruikt en hoe snel je kunt leren lezen? Of is dat voor iedereen gelijk?

Anniek Vaessen van de Universiteit Maastricht onderzocht welke processen kinderen in welke fase van het leren lezen toepassen. Hoofdvraag: verschilt dit per taal, of is leren lezen een universeel proces, los van de taal die je leert? Ze richtte zich op het Hongaars, Nederlands en Portugees, bij kinderen van zeven tot circa tien jaar. Uit ieder land werden tussen de zes- en negenhonderd kinderen betrokken bij de studie.

Leren lezen is in de ene taal moeilijker dan in de andere.

Leren lezen is in de ene taal moeilijker dan in de andere.

Vaessen: ‘Er zijn twee vaardigheden cruciaal bij het leren lezen. De eerste is de fonologische verwerking, oftewel het besef dat een woord uit klanken bestaat. We lieten kinderen bijvoorbeeld het woord ‘berg’ zien en vroegen welk woord overblijft als je de ‘b’ weghaalt. De tweede vaardigheid is het snel kunnen benoemen van visuele informatie. Als de basis van de fonologische verwerking goed gelegd is, wordt deze vaardigheid belangrijk om sneller te kunnen lezen. En dat blijkt eigenlijk voor alledrie die talen hetzelfde te zijn.’

Het enige verschil dat naar voren komt uit Vaessens onderzoek, is dat kinderen die een taal leren die onregelmatig is, langer bezig zijn met de fonologische verwerking dan kinderen die een heel gelijkmatige taal leren. Als eenzelfde letter in het ene woord anders moet worden uitgesproken dan in het andere, maakt dat het leren lezen niet makkelijker.

Engels is een moeilijke taal om te leren lezen.

Engels is een moeilijke taal om te leren lezen.

‘Engels is bijvoorbeeld de meest inconsistente taal die we kennen in ons alfabetisch systeem, is eerder onderzocht. Het woord ‘peak’ en het woord ‘break’ schrijf je beiden met ‘ea’, maar je spreekt het heel anders uit. Of denk aan ‘have’ en ‘behave’. En dan zijn er nog woorden die je anders schrijft, maar met dezelfde klank uitspreekt: ‘rose’ en ‘rows’. Je ziet dat Engelse kinderen er drie jaar over doen om te leren lezen op een niveau dat Nederlandse kinderen in een jaar halen. Fins is daarentegen de meest gelijkmatige taal in Europa. Alle 23 letters worden in elke situatie hetzelfde uitgesproken. Het Nederlands zit een beetje tussen Engels en Fins in.’

Het onderzoek van Vaessen is een van de weinige wetenschappelijke taalonderzoeken die verschillende talen met elkaar vergelijkt. Het belang van dit soort onderzoek naar leesontwikkeling is dan ook dat je pas effectieve therapieën kunt ontwikkelen voor mensen bij wie het misgaat, als je precies weet hoe leesontwikkeling normaal verloopt. Na haar promotie gaat Anniek Vaessen twee jaar onderzoek doen naar de basisprocessen die van belang zijn bij het leren rekenen.