Nieuws

Babyzeehonden zijn er steeds vroeger


De laatste jaren gaat het prima met de zeehonden in de Waddenzee. Lagen de fotogenieke dieren vroeger door milieuverontreinigingen en jacht op koers om uit te sterven, intussen zwemmen er weer duizenden ervan rond.

Toch houden biologen de ontwikkelingen van de populaties van de twee zeehondensoorten in de Waddenzee – de gewone en de grijze zeehond – nauwlettend in de gaten, om nieuwe problemen voor te zijn.

Regelmatige tellingen vanuit een vliegtuigje vormen een vast onderdeel van het zeehondenonderzoek van zeeonderzoeksinstituut IMARES op Texel. Waarnemers turven dan de zeehonden die zijn te zien liggend op drooggevallen zandbanken tijdens laag water. Ook het aantal babyzeehonden dat naast de moeder ligt in de periode dat de jongen geboren worden – juni/juli voor de gewone zeehond, de grijze zeehond in november/december.

De tellingen brengen nu een intrigerend patroon aan het licht. Sinds met tellen werd begonnen in 1974, is de geboortepiek van gewone zeehonden flink vervroegd, blijkt uit een analyse van IMARES-onderzoeker Sophie Brasseur en collega´s. Kreeg de gemiddelde zeehondenmoeder vroeger rond 21 juli haar kind, nu is dat al rond 26 juni. Het fenomeen ligt niet aan een veranderde verhouding tussen jonge en oude moeders.

Zeehonden op een zandbank. Foto: IMARES

Zeehondenvrouwtjes paren na de bevalling snel opnieuw, maar het bevruchte eitje begint pas later te groeien, wanneer de dieren na het uitputtende moederschap weer voldoende vet zijn. De onderzoekers denken dat dit punt, dat de geboortedatum van het volgende jong bepaalt, geleidelijk opschuift door meer voedsel.

Het feit dat volgens visserijgegevens van 1974 tot 2010 steeds meer kleine vissen – het favoriete voedsel van zeehonden – voorkwamen in de Waddenzee, paste naadloos in dit idee. Die extra kleine vissen zijn weer te wijten aan overbevissing van de grotere exemplaren. Daardoor lijkt het erop dat de mens, door de natuur uit te buiten, nu eens de zeehond hélpt.

Bron: Biology Letters