Zuid Amerika zet zich schrap


El Niño

El Niño zou dit jaar wel eens bijzonder intens kunnen zijn, volgens schattingen van Amerikaanse deskundigen. Met El Niño duiden klimatologen een fenomeen aan waarbij door een soort ‘lopende band’ constant noodweer wordt aangevoerd richting de zuidelijke helft van het Amerikaanse continent.

Het is een cyclisch fenomeen, dat eens in de drie tot zeven (maar meestal vijf) jaar voorkomt. Het hoogtepunt ligt meestal rond kerst, van daar de naam, die ‘kerstkind’ betekent.

De komende El Niño kan de sterkste zijn sinds 1950, beweert het Amerikaanse klimaat agentschap NOAA. De huidige El Niño begon voorzichtig in maart en zal naar verwachting blijven tot het voorjaar van 2016.

Dat El Niño bijzonder sterk wordt dit jaar, leiden de Amerikaanse wetenschappers af uit het feit dat de temperaturen van het water in de Stille Oceaan in juli ongeveer 1,2 graden boven het gemiddelde waren. Het is dit warme water dat de lopende band vormt voor het slechte weer. Een dergelijke verwarming is slechts driemaal gemeten in de afgelopen 65 jaar. In 1997 en 1998 bijvoorbeeld. Toen vonden de tot nu toe sterkste El Niño stortregens en overstromingen plaats in Zuid-Amerika en Californië. Indonesië en Papoea-Nieuw-Guinea hadden toen juist te lijden onder droogte en bosbranden.

De klimatologie begint El Niño steeds beter te begrijpen. Een warmere Stille Oceaan verwarmt de lucht daarboven en brengt grote hoeveelheden vocht in de atmosfeer, waardoor de kans op stormen toeneemt.