Nieuws

Zelfvertrouwen is ook kwestie van lengte


Wie over groot zelfvertrouwen beschikt, blijkt meer grijze cellen te hebben. Wetenschappers van de New Jersey Medical School hebben dit ontdekt door onder meer het brein van volwassen proefpersonen te scannen.

Het volume van grijze cellen in de gebieden waar emoties en stress worden gereguleerd, staat in verband met de mate van zelfvertrouwen. Voor een deel lijkt het vermogen om zelfvertrouwen en trots te voelen aangeboren, zo houden de onderzoekers een slag om de arm. Omdat grijze breinmaterie ook vormbaar is, zou met training het zelfvertrouwen kunnen worden vergroot. De effectiviteit van die training zou dan kunnen worden gecontroleerd door de behandelde persoon onder een MRI-scan te leggen en te kijken of er meer grijze cellen zijn bij gekomen in de juiste gebieden.

Er is nog een andere manier om wat meer zelfvertrouwen te kweken: door langer te zijn. Vrouwen op hakken en mannen met (vaak verborgen) hakken hebben het volgens wetenschappers van Oxford University begrepen. Lengte maakt het verschil.

In een experiment werden zestig vrouwen onlangs uitgerust met een virtual reality-helm voor een virtueel ritje in een achtbaan. De mensen om hen heen waren allemaal zo’n dertig centimeter langer gemaakt. Dit lengteverschil leidde tot gevoelens van ongemak bij de deelneemsters.

De vrouwen vulden vragenlijsten waarin ze hun zelfvertrouwen en angsten aangaven. Wat bleek? Hun zelfvertrouwen was gedaald en ze rapporteerden meer gevoelens van paranoia.

Nu waren deze vrouwen geselecteerd omdat ze voor het experiment ook al enige paranoia hadden gerapporteerd. De Britse onderzoekers hopen namelijk manieren te bedenken om die groep beter te behandelen. Maar de uitkomsten bevestigen min of meer wat we met boerenverstand ook al hadden bedacht. Wie letterlijk tegen anderen op moet kijken, voelt zich eerder inferieur en aangevallen, en zal dat misschien willen compenseren met een grote mond (of hond).

Het voorbehoud dat de wetenschappers maken is dat hun experiment vooral aantoont wat er met je gebeurt als je ineens kleiner bent dan de mensen om je heen. Het toont niet aan dat kleine mensen van huis uit vaker paranoïde zijn.

Experimenten met virtuele realiteit aan TU Delft hebben aangetoond dat mensen met psychische problemen met een grote avatar betere onderhandelaars worden. Dankzij een knappe avatar stonden ze meer open voor anderen. In de virtuele wereld, dat wel.