Wielrenner profiteert van volgmotor


dreamstime_xs_56418668

Onderzoek van onder andere Technische Universiteit Eindhoven toont aan dat een motorrijder vlak achter een wielrenner de luchtweerstand van de renner bijna negen procent vermindert. In een tijdrit kan dit een beslissend tijdsvoordeel opleveren.

Wielerwedstrijden zitten vol motoren. Dat leverde tot nu toe vooral discussies op over veiligheid. De 25-jarige Belg Antoine DemoitiƩ overleed na een aanrijding met een motor. Maar ze oefenen ook invloed uit op de uitslag van een wedstrijd, blijkt nu.

Met computersimulaties en windtunnelmetingen berekenden de onderzoekers dat een motor die op korte afstand (een kwart meter) achter een renner rijdt, diens luchtweerstand met bijna 9 procent vermindert. Bij drie motoren gaat het zelfs om een afname van ongeveer 14 procent. Uit wedstrijdbeelden is op te maken dat deze korte afstanden niet ongebruikelijk zijn in wielerkoersen.

Vorig jaar toonden de TU/e-onderzoekers al aan dat een volgauto een wielrenner tijdswinst kan geven door dicht achter een renner te rijden, omdat de volgauto de onderdruk die achter een fietser ontstaat, wegneemt. Nu blijkt het aerodynamisch voordeel van een volgende motorrijder nog groter, vooral omdat motoren vaak veel dichter achter de renners rijden.

De onderzoekers adviseren de internationale wielerunie (UCI) om de regels rond de motoren in wielerkoersen aan te passen. Niet alleen vanwege de veiligheid, maar ook gezien het nu gemeten ongewenste aerodynamische voordeel dat ze renners kunnen geven. Ze roepen op tot een minimale afstand van dertig meter, en er bovendien op toe te zien dat deze afstand daadwerkelijk wordt nageleefd.