Wetenschap: karakter kat is aangeboren


Maine Coon

Hoewel de mens katten pas sinds relatief kort fokt, zijn toch al heel duidelijke verschillen ontstaan. Die zijn lichamelijk nog lang niet zo groot als bij honden, waar de kleinste hondensoort een snack kan zijn voor de grootste. Maar toch zijn er vooral op het gebied van het karakter van de kat zeer uiteenlopende soorten ontstaan, zeggen biologen van de universiteit van Helsinki na onderzoek.

Daartoe onderzochten de Finnen 5.726 katten van veertig rassen. De eigenaren hielden zeer nauwgezet een dagboek bij over het gedrag.

Het resultaat? Wie een lieve en aanhankelijke kat wil, moet een Maine Coon kopen (foto). Britse kortharen zijn juist veel schuwer en hebben liever niet al te veel contact met mensen of andere katten. Heilige Birmezen zijn het meest nieuwsgierig, ook naar nieuwe personen. Cornish Rex en Bengalezen spelen de hele dag en vragen veel aandacht van hun eigenaren.

De Britse korthaar zit het liefste de hele dag op zijn kont. De Turkse Van vertoont de meeste agressie, ook tegen mensen. De genetische achtergrond van de katten bepaalt voor ongeveer de helft van hun karakter. De andere helft komt door opvoeding en achtergrond. Je kunt dus ook een sacherijnige Coon hebben, of een luie Birmees. Dan is er ergens in hun opvoeding iets misgegaan.

Hoe de verschillen zijn ontstaan, is niet helemaal duidelijk. Net als bij honden hebben mensen met katten gefokt. Maar waar honden vooral uiterlijk zijn gaan verschillen, is het bij katten veel meer in het karakter gaan zitten, concluderen de Finnen in het vakblad Nature. Hoe dat precies is gegaan, dat willen ze nu onderzoeken.