Werkte de atoombom wel?


Enola Gay

Het is precies zeventig jaar geleden dat een atoombom op de Japanse stad Hiroshima viel. Enkele dagen later volgde een tweede bombardement op Nagasaki. De Amerikaanse president Truman wilde daarmee het einde van de oorlog bespoedigen, Japan zou zo onder de indruk zijn, dat het wel moest capituleren. Daadwerkelijk was niet veel later de oorlog voorbij.

Maar de laatste jaren zijn steeds meer historici gaan twijfelen of dat wel door de atoombommen kwam. Tsuyoshi Hasegawa van de University of California (VS) is een van de meest vooraanstaande twijfelaars. Volgens hem gaf keizer Hirohito zich niet over vanwege de bommen, maar omdat de Sovjet Unie Japan de oorlog verklaarde. Het land was militair en economisch al volkomen verslagen, nog een front kon het niet aan.

Ook Ward Wilson, directeur van het Rethinking Nuclear Weapons Project denkt dat de bommen niet hebben geholpen. De Amerikaanse luchtmacht had andere Japanse steden met brandbommen met de bodem gelijk gemaakt, de bombardementen op Hiroshima en Nagasaki waren – afgezien van de methode – niets bijzonders voor het land in oorlog. Sinds mei 1945 waren er al gesprekken met de Sovjet Unie, dat neutraal was in het Verre Oosten. De Japanners hoopte via deze grootmacht de onderhandelingen te kunnen openen met de Amerikanen over een einde van de oorlog. Ze dachten dus al na over overgave.

Na de bom op Hiroshima kwam de Japanse oorlogsraad niet eens bijeen, het gremium dat belangrijke beslissingen nam over de strijd. Pas op 9 augustus hadden ze een vergadering om te praten over een mogelijke overgave, nadat de Sovjet Unie begon deel te nemen aan de strijd. Tijdens die vergadering viel de bom op Nagasaki. Niet die bom, maar het Rode Leger zouden de doorslag hebben gegeven bij de beslissing de capitulatie te tekenen.