‘We zien motoren van buitenaardse ruimteschepen’


ruimtezeil

Een van de grootste raadsels voor sterrenkundigen zijn supersnelle radioflitsen. De extreem heldere uitbarstingen van straling komen geregeld voor. De eerste werd ontdekt in 2007 en sinds ze weten waar ze naar moeten zoeken, ontdekken sterrenkundige steeds meer van deze flitsen. Vorig jaar al zestien, allemaal uit dezelfde hoek van het heelal. Wat zijn het? Niemand die het weet.

Maar een gerenommeerde geleerde heeft wel een suggestie: buitenaardse intelligentie.

Avi Loeb is een theoretisch natuurkundige van het Harvard-Smithsonian Centre for Astrophysics in de VS. Niet de eerste de beste, als het op natuurverschijnselen in het heelal aankomt. Hij bestudeert de radioflitsen en komt tot de conclusie dat het wel eens de motoren van buitenaardse ruimteschepen kunnen zijn. We hebben geen goede natuurlijke verklaring voor de flitsen, dus is het de moeite waard om uit te zoeken of ze kunstmatig tot stand komen, schrijft Loeb op de site van het zeer hoog aangeslagen Harvard-Smithsonian.

Zijn suggestie komt mede tot stand door het feit dat een serie van deze flitsen op één plek in het universum is waargenomen, rond een kleine dwergster, 3 miljard lichtjaar van de aarde. Tot nu toe werd aangenomen dat de radioflitsen een soort bijwerking waren van superdichte zwarte gaten, maar daarover is al een tijdje grote twijfel. Dus is het volgens Loeb de moeite waard om andere oorzaken te bestuderen, waaronder een buitenaardse intelligentie.

Het kan namelijk om een fotonische aandrijving gaan. Dat is een technologie die op aarde nog in de kinderschoenen staat. Daarbij wordt een ruimteschip aangedreven door een uitbarsting van zeer helder licht, zoals een laser of geconcentreerde straling van een ster. Die straling komt in een soort zeil terecht (foto) en duwt een schip met enorme kracht naar voren. Zo kun je van aarde naar Mars komen in drie dagen.

De uitbarstingen die we tot nu toe hebben waargenomen, zouden van een dergelijk systeem te kunnen komen, schrijven Loeb en collega’s in het vakblad Astrophysics. Het systeem dat daarvoor nodig zou zijn moet de omvang van een planeet moeten hebben. Maar als buitenaardse wezens zo slim zijn deze technologie te beheersen, moet dat geen probleem zijn.