Wat Kelten deden met verslagen tegenstanders


De slag is voorbij, de tegenstander verslagen. Wat doe je met zijn wapens? Kelten in wat nu Duitsland is beëindigden 2300 jaar geleden de strijd door hun zwaarden te verbuigen. Terwijl ze de wapens ook gewoon hadden kunnen inpikken. Een symbolische geste om het einde van een slag te herdenken?

Archeologen hebben een aantal van deze verbogen zwaarden en verminkte speren gevonden tijdens een opgraving op de Wilzenberg in het Sauerland, op zo’n 150 kilometer van Nederland. Het is niet duidelijk of de wapens van één slag afkomstig zijn, of in de loop der tijd zijn verzameld.

Het is de grootste wapenvondst uit de ijzertijd. Helemaal ongehoord is het vernietigen van wapens niet. Archeologen ontdekten in Bretagne dat de Kelten daar iets soortgelijks deden met de zwaarden van hun tegenstanders. Het zou wijzen op een gemeenschappelijk ritueel.

Rond de Wilzenberg is altijd veel gevochten. De heuvel ligt strategisch en geeft de bezitter macht over het land eromheen. Op de top lag ooit een slot. Het is rond dat slot dat nu veertig verbogen speren zijn gevonden en twee verbogen zwaarden. Ook lagen er ringen, een bit voor een paard en delen van een harnas.