Vogels hebben eigen grammatica


Japanse koolmees

Het lijkt misschien alsof ze maar wat doen, maar vogels communiceren echt met hun getjilp. En ze hebben ook nog grammatica. Biologen van de Universität Zürich (Zwitserland) hebben ontdekt dat mensen daardoor in staat zijn met vogels te communiceren, als ze maar de juiste woordvolgorde gebruiken.

Ze deden een experiment met Japanse koolmezen waarbij eerst werd vastgesteld welke geluiden deze vogels maken als ze met elkaar communiceren. Ze maken bijvoorbeeld het geluid zi-tè zi-tè, om aan andere vogels duidelijk te maken waar hun leefgebied is en roepen sjèè om een partner te zoeken. Is er eenmaal gepaard, dan tjilpen ze si–wüwüwü om hun familie bij elkaar te houden.

Voor iedere toon die de koolmezen maken, namen de onderzoekers een letter. De waarschuwing voor vijanden – si-chut-ti – had bijvoorbeeld de letters ABC. De lokroep sjèè kreeg de letter D. Soms combineren de vogels deze tonen, als ze willen communiceren ‘kijk uit een vijand, kom hier’, dan zingen ze ABC-D.

Met dat gegeven en een computer die dezelfde toonhoogtes kan produceren, gingen de Zwitsers aan de slag. En inderdaad, als ze ABC-D uit hun luidspreker lieten komen, kwamen de koolmezen daar op af. Maar op D-ABC reageerden ze totaal niet. Schijnbaar zijn er regels hoe je de tonen kunt combineren; met andere woorden: grammatica. Ook andere ‘onzincombinaties’ deden de vogels niets, tot ze weer echte ‘zinnen’ hoorden.

Er zijn meer aanwijzingen dat dieren grammatica gebruiken en uit verschillende klanken zinnen kunnen vormen. Campbellmeerkatten, een soort apen uit Ivoorkust, hebben bijvoorbeeld verschillende zinnen om te waarschuwen voor een tijger of een omvallende boom.

Het Zwitserse onderzoek is verschenen in Nature Communications.