Nieuws

Asielzoeker brengt oerconservatief gedachtegoed mee


asielzoekers

Asielzoekers uit islamitische landen brengen zeer conservatief en met het westen conflicterend gedachtegoed met zich mee naar het nieuwe thuisland. Vooral Somaliërs en Afghanen zijn zeer gelovig, zo vindt 61 procent van de Somalische migranten dat ‘de islam een grote rol zou moeten spelen in de maatschappij’. En dan hebben ze het over hun nieuwe thuisland in het westen.

Dat is het resultaat van een onderzoek door de Donau Universität Krems in Oostenrijk. Zij bevroegen niet-westerse migranten die al minstens een generatie in Europa leven en nieuwkomers die in de laatste paar jaren asiel hebben aangevraagd in de Alpenrepubliek. Ze komen uit alle islamitische conflictgebieden, waaronder Somalië, Afghanistan, Tsjetsjenië en Syrië. Migranten uit Bosnië en Turkije die al langer in Oostenrijk wonen dienden als controlegroep.

Meer dan de helft van alle islamitische vluchtelingen kan zich voorstellen dat een man weigert een vrouw de hand te schudden. Maar ook 40 procent van de Turken heeft begrip daarvoor, ook al wonen ze al meer dan een generatie in het westen. Het is een teken dat het gedachtegoed maar zeer langzaam (of wellicht helemaal niet) slijt.

Onder zowel nieuwe vluchtelingen als tweede generatie migranten bestaat een sterk verlangen om de sharia gedeeltelijk in te voeren. Zo wil een derde van de Afghanen dat rechters rekening houden met de islamitische wet als ze een oordeel vellen. Van de Somaliërs wil een kwart dat. Maar zeer weinig vluchtelingen, hooguit 3 procent, wil dat de sharia de plaatselijke wetten in het westen vervangt.

Ook bij het kiezen van een partner is het moslimgeloof zeer belangrijk. Van de Somaliërs wil 72 procent alleen een geloofsgenoot als partner. Bij tweede generatie Turken is dat nog 39 procent, bij nieuwe Turken is dat nog 48 procent. De overgrote meerderheid van de Tsjetsjeense en Somalische mannen wil alleen een vrouw die nog maagd is als echtgenote.