Verlangen naar peuk dankzij Neanderthaler


Neanderthaler

Ooit bevolkten mensen en Neanderthalers samen de wereld. Uiteraard kwam het ook wel eens tot seks. Vandaar dat de meeste mensen nog steeds iets Neanderthaler DNA in zich dragen. En uitgerekend dat stukje genetische code maakt ons gevoelig voor nicotineverslaving en depressie.

Onderzoekers van de Amerikaanse Vanderbilt University gebruikten een database met meer dan 28.000 DNA-monsters om te onderzoeken of de hoeveelheid Neanderthaler-DNA die een persoon in zich draagt, lichamelijke en geestelijk gevolgen heeft. Daaruit blijkt dat een flinke hoeveelheid genetisch materiaal afkomstig van een Neanderthaler voorvader betekent dat mensen een grotere kans hebben op een serie dermatologische, psychologische, immunologische en neurologische ziektes.

Hoe meer Neanderthaler-DNA een mens heeft, hoe sneller bijvoorbeeld zijn of haar bloed stolt. Dat is logisch, in de tijd van de Neanderthalers was het belangrijk dat wonden snel dicht gingen. Nu levert het een verhoogd gevaar op voor hersenbloedingen en trombose. Tot de meest opmerkelijke gevolgen hoorden een grotere kans op depressies en een voorliefde voor sigaretten.

Het lijkt dat vooral de hersens reageren op een dosis niet-menselijk DNA. Niet verwonderlijk, de hersens zijn ons meest complexe orgaan. Daar zelfs de meest subtiele genetische veranderingen aanbrengen, kan grote gevolgen hebben, schrijven de onderzoekers in het vakblad Science.