Nieuws

Toevallig slimmer door kleiner lichaam


Ons brein is relatief groot ten opzichte van ons lichaam.

Intelligentie wordt meestal uitgedrukt als het breinvolume ten opzichte van het lichaamsvolume. De mens heeft bijvoorbeeld bij lange na niet de grootste hersenen in het dierenrijk, maar wel ten opzichte van ons kleine lichaam.

Maar volgens onderzoekers in het vakblad PNAS is de relatie tussen brein en lichaam helemaal niet zo makkelijk te geven. Sterker nog, in de evolutie lijkt slimheid vaak slechts een bijeffect te zijn van een groter of kleiner wordend lichaam.

Hoofdonderzoeker Jeroen Smaers van het University College London en collega’s verzamelden data over de grootte van de hersenen en het lichaam van moderne en uitgestorven roofdieren en apen. Daaruit bleek dat bij veel dieren hun lichaam in de loop der miljoenen jaren sneller groeiden dan hun brein. Kortom, de dieren werden relatief dommer.

Vleermuizen bleken de uitzondering te vormen. Hun lichaam werd sneller kleiner dan hun hersenen, zodat ze nu met een relatief groter brein zitten dan vroeger. Als gevolg daarvan kunnen ze beter vliegen, maar zijn ze ook slim genoeg om op handige tijdstippen te jagen en daarbij handige tactieken te gebruiken.

Of dit ook voor mensen opgaat, kunnen de onderzoekers helaas niet zeggen.

Beeld: © Christos Georghiou | Dreamstime.com

Follow Faqtman on Twitter