Stokoud kuikentje vloog nooit uit


Een fossiel van een heel klein kuikentje geeft een beter beeld van de vroege ontwikkeling van vogels.

Het wezentje werd gevonden in afzettingen bij Las Hoyas, een gebied in Spanje dat ten tijde van de dinosaurussen een subtropisch moerasgebied was.

Het gevonden prehistorische kuiken leefde ergens tussen de 250 en 65 miljoen jaar geleden. Het is een bijna helemaal intact fossiel. Alleen de ledematen en het uiteinde van de staart ontbreken. Het schedeltje is deels geplet. Dat klinkt niet alsof de resten nog veel voorstellen, maar paleontologen vinden het skelet desondanks ontzettend goed bewaard gebleven voor iets dat zo oud is.

Om sporen te vinden van dieren die een vroeger tijden leefden moet je soms geluk hebben, zeker als de resten zo microscopisch klein zijn. De onderzoekers uit Engeland, Spanje, Zweden en de VS schatten dat het broedsel van kop tot staart niet meer dan 5 centimeter lang was en 85 gram woog. Het is daarmee een van de kleinste vogelfossielen uit het Mesozoïcum ooit gevonden.

Desondanks is het een belangrijke paleontologische vondst, juist omdat het pas net was geboren en het vogeltje nog in ontwikkeling was. Fossielen van vogels in dat stadium zijn heel erg zeldzaam. De wetenschappers krijgen nu inzicht in hoe het skelet van die vroege vogels zich ontwikkelden.

De onderzoekers gebruikten geavanceerde technologie om de kleine fossiele botten te bestuderen. Met een synchotron, een deeltjesversneller die met heel intens licht heel kleine deeltjes in beeld kan brengen, zagen ze dat het kuiken waarschijnlijk nog niet kon vliegen.

De Theropoda zijn een groep van voornamelijk vleesetende, tweevoetige dinosauriërs. De vogels die in de huidige tijd rondvliegen behoren nog steeds tot die groep uit het Mesozoïcum-tijdperk.