Stille aardbevingen: stille killers


Fukushima

Niet lang geleden werd de noordoostkust van Nieuw-Zeeland opgeschrikt door een bijzonder krachtige aardbeving. Bij een dergelijke beving kunnen duizenden doden vallen en hele steden in puin worden gelegd. Maar er gebeurde niets, geen enkele inwoner voelde de trillingen. De enige reden waarom we weten dat de beving plaatsvond, is door GPS bakens.

Dergelijke stille bevingen zijn heel normaal, weten we pas sinds een paar jaar. Ook in Costa Rica, Japan en Canada zijn de afgelopen jaren bevingen geweest waarbij grote stukken land soms meters tegelijk opschoven. We voelen deze bewegingen niet omdat ze heel langzaam plaatsvinden. Daardoor ontstaan niet de karakteristieke golfbewegingen in de aardkorst die bij gewone bevingen zo destructief zijn.

Eind goed al goed? Zeker niet. Omdat stille bevingen zo veel kracht kennen, brengen ze nogal wat spanningen in de ondergrond. Die moet ergens heen, en meestal gebeurt dat met minder stilte. Sterker nog, de beving die de atoomcentrale van Fukushima verwoestte in 2011 is veroorzaakt door spanningen die dankzij een stille beving in de grond zaten, heeft de universiteit van Tokio ontdekt.

In het vakblad Nature Communications schrijven ze dat geologen beter op stille bevingen moeten gaan letten als voorbodes voor niet zulke stille. Ze wijzen onder andere op Nieuw-Zeeland, waar de regio waar recent een stille beving plaatsvond bekend staat om de verwoestende gewone aardbevingen. Die veroorzaken (net als in Fukushima) vaak tsunami’s. In 1947 werden zelfs golven van 13 meter waargenomen in de regio.