Sneeuw op de zeebodem


Deepwater Horizon

In 2010 explodeerde het boorplatform Deepwater Horizon in de Golf van Mexico. In totaal stroomden 3,19 miljoen vaten olie (van ieder 159 liter) het water in, omdat technici er maar niet in slaagden het boorgat te dichten. Een deel van die olie werd verbrand aan het oppervlak, een deel loste op door chemicaliƫn en nog een deel spoelde aan op de kust. Maar een kwart van de olie is sindsdien vermist. Waar is het gebleven?

Om die vraag te beantwoorden, ging Columbia University terug naar de Golf van Mexico. Met allerlei apparatuur werden water en sediment op verschillende dieptes gemeten. Daar werd een deel van het kwart gevonden. Het ‘dwarrelt als sneeuw’ door de zee, waar het af en toe in een ‘smerige sneeuwstorm’ terecht komt en op een grote hoop wordt geblazen.

De olie is namelijk in kleine hoeveelheden uit elkaar gevallen. Die hebben zich gebonden met algen, zand en andere deeltjes die in de zee drijven. Deze samengestelde olievlokken dwarrelen door de zee, soms kilometers ver van waar ze ooit uit het boorgat zijn gestroomd, ontdekten de biologen van Columbia. De ecologische invloed van deze nieuwe sedimenten is groter dan tot nu toe gedacht.

De smerige sneeuwvlokken bevatten namelijk alkeen en barium, beide stoffen die giftig zijn voor dieren. Tot nu toe werd gedacht dat deze stoffen snel verdunnen en uiteindelijk in nauwelijks waarneembare hoeveelheden uiteen vallen. Maar juist doordat de olie zich bindt met natuurlijke materialen, blijft het in een hogere concentratie in de vlokken.

De onderzoekers pretenderen niet dat ze alle vermiste olie hebben gevonden, dat lijkt een onmogelijke klus. Ze schrijven in hun rapport (gepubliceerd in Pnas) dat ons begrip van hoe olie zich gedraagt wel is verbeterd. Schijnbaar kan het sneeuwen in zee.