Op olifantenjacht in Duitsland


olifant

Het is 300.000 jaar geleden. In noordelijk Europa is het gemiddeld anderhalve graad warmer dan nu. In de dichte bossen komen leeuwen voor, waterbuffels, beren wolven en sabeltandtijgers. En, nu moeilijk voor te stellen, olifanten. Duitse archeologen zeggen nu bewijs te hebben gevonden voor de jacht op dit dier door vroege mensen, de Homo heidelbergensis.

Onderzoekers van het Niedersächsischen Landesamt für Denkmalpflege en de universiteit Tübingen vonden in Schöningen, op zo’n 200 kilometer van de Nederlandse grens, een skelet van een olifant dat overduidelijk is afgeschraapt met werktuigen. Daaronder één complete slagtand. Het gaat om de oudste olifantenjacht in de geschiedenis, zeggen de onderzoekers.

Dat is een sensationele vondst. Want waren de vroege mensen wel in staat om dit grote en sterke dier te doden? De dikke huid is moeilijk te penetreren met de houten wapens van die tijd. Toch lijkt het de primitieve jagers gelukt, waarna er een feestmaal was voor de hele stam. Aan alle kanten zijn er kerven te zien op de botten, een teken dat ze het vlees er vanaf sneden.

De hypothese is nu dat vele jagers bezig zijn geweest. Zij hebben de olifant met meerdere speren verwond en uiteindelijk afgemaakt. Daar is samenwerking en tactiek voor nodig, zaken die de leden van deze stam dus goed voor elkaar hadden. Ze hebben er een maaltijd aan overgehouden die niet alledaags zal zijn geweest.