Nieuws

Oermensen: innerlijk telt


Hightech medische CT-scans werpen nieuw licht op evolutie vroegste mensen.

Jarenlang ruzieden antropologen over de afstamming van de allervroegste menssoorten. Het begint bij Australopithecus afarensis, de nog behoorlijk op een chimpansee lijkende mensachtige die ongeveer drie miljoen geleden in Afrika woonde. Deze menssoort, waarvan het eerst ontdekte fossiel ´Lucy´ werd genoemd, naar een Beatles-liedje die de onderzoekers tijdens de opgravingen draaiden, splitste zich op in minstens drie grote, meer gorilla-achtige mensachtigen met krachtige kaken en zwaargebouwde schedels, luidt de theorie.

Van deze Australopethicus-varianten, ´africanus´, ´robustus´ en ´bosei´, laten de fossiele schedels van de eerste twee typische verticale verdikkingen zien aan weerszijden van de neus. Een aanpassing om de krachten op te vangen van het kauwen op taai plantenmateriaal, waarschijnlijk. Omdat Australopithecus bosei fossielen deze bot ´pilaren´ niet hebben, was de conclusie dat deze mensachtige vroeg moest zijn afgesplitst van een ´Lucy´ voorouder, en de andere twee min of meer gelijktijdig waren ontstaan op een andere plek in Afrika.

Reconstructie Australopithecus robustus

Maar schijn bedreigt, ook bij de allervroegste mensachtigen, volgens een Brits-Amerikaans antropologen-duo. De onderzoekers onderwierpen Australopithecus schedels aan zogeheten CT-scans waarmee in ziekenhuizen bijvoorbeeld hersentumoren in beeld worden gebracht. Verrassing: al hadden de africanus-schedels bot-pilaren, vanbinnen was de structuur daarvan heel anders dan die van de robustus-schedels. De bosei-schedels, zonder pilaren aan de oppervlakte, lieten van binnen botstructuren zien die als twee druppels water lijken op die van robustus.

Robustus en bosei, luidde de conclusie, kunnen niet anders zijn dan nauw-verwante zustersoorten, ontstaan uit een voorouder die zich ontwikkelde tot de africanus. Die laatste soort ontwikkelde onafhankelijke de bottensteunen om hard mee te kauwen.

Overeenkomsten aan de buitenkant van fossiele schedels zeggen dus niet altijd alles over afstamming, stellen de onderzoekers. Gegarandeerd dat antropologen nog een hele kluif zullen hebben aan de ongetwijfeld komende nieuwe discussies over menselijke afstamming die hiervan het resultaat zullen zijn.

Bron: Villmoare & Kimbel, PNAS online 19 september 2011; Beeld: Cryptomundo.