Nieuws

Oermens nauwkeuriger dan moderne kunstenaar


De oermens, die met primitieve middelen op de wanden van grotten tekende, was beter dan menig kunstenaar nu. Optisch natuurkundigen van de Eötvös universiteit in Boedapest (Hongarije) hebben grotschilderingen vergeleken met moderne kunst en kwamen tot de conclusie dat bij het tekenen van dieren de oermens een beter timmermansoog had.

Paard in draf, vastgelegd door Eadweard Muybridge in 1887.

De Hongaren keken naar de stand van de poten van dieren als paarden en honden. Als die lopen, zijn nooit alle poten tegelijk omhoog of naar beneden. Er werd een schema gemaakt met alle mogelijke standen die de vier poten van een beest kan aannemen. Vervolgens werden duizend afbeeldingen van dieren bekeken, van prehistorische schilderingen tot moderne kunst.

Daaruit bleek dat na de prehistorie kunstenaars in 58 procent van de gevallen bijvoorbeeld paarden schilderden in een positie die de dieren in werkelijkheid nooit zouden aannemen. Bij holenschilderingen was dat percentage maar 46 procent. Van de ‘moderne’ schilders maakte zelfs Leonardo da Vinci zich schuldig aan het verkeerd afbeelden van paardenbenen.

Hoe dieren op vier poten eigenlijk lopen weten we pas sinds fotopionier Eadweard Muybridge een paard in galop vastlegde in een serie foto’s. Vlak voor die tijd werden veel paarden geschilderd – dat was toen het belangrijkste vervoermiddel – maar erg goed deden ze dat in de 19e eeuw niet. In 83,5 procent van alle gevallen hadden de poten een stand die onmogelijk was.

Het onderzoek wordt in januari gepresenteerd in het vakblad Current Biology.

Follow Faqtman on Twitter