Nieuws

Oerkangoeroe kon niet hupsen


De 30.000 jaar geleden uitgestorven oerkangoeroe kon niet hupsen. Hij liep in plaats daarvan, rechtop en op zijn achterpoten. Dat zeggen Amerikaanse onderzoekers in het wetenschappelijke tijdschrift PLosOne. Een team van de Brown University in Providence in de Amerikaanse staat Rhode Island heeft de beenderen van oerkangoeroes vergeleken met die van de moderne afstammelingen.

De oerkangoeroe (afbeelding) was nauw verwant aan buideldieren van vandaag, maar had een duidelijk kortere snuit. Ook had hij indrukwekkende proporties: de grootste soort genaamd Procoptodon goliath was naar schatting 240 kilogram zwaar, drie keer het gewicht van hedendaagse grote kangoeroesoorten. Maar de hamvraag is natuurlijk of deze gigant dezelfde motoriek had als de huidige exemplaren: een snel hoppen op de sterke achterpoten met hulp van de staart.

Het antwoord op die vraag is dus nee. Het skelet van oerkangoeroes is relatief veel zwaarder, vooral rond de gewrichten in de achterpoten. Dat duidt er op dat het hele gewicht van het zware dier tijdens het lopen moest worden opgevangen. Springen gaat met zulke zware botten juist veel moeilijker. De oerkangoeroe kwam waarschijnlijk nauwelijks van de grond.

Moderne kangoeroes hebben juist lichte poten met sterke spieren. Bovendien gebruiken ze hun sterke staart veel meer. Niet alleen om te sturen, maar vaak ook om te helpen bij de afzet. De oerkangoeroe zal zijn staart nauwelijks hebben gebruikt.