Nieuws

Niet waar de kinderen bij zijn


Ouders die ruzie maken waar hun jonge kind bij is, veranderen zijn of haar brein. Zelfs als dat kind nog maar een baby is, zelfs als het kind slaapt. Dat is de uitkomst van een onderzoek door de University of Oregon (VS) naar ruziënde ouders. De onderzoekers namen kinderen in de leeftijd van 6 tot 12 maanden en stopten die rond bedtijd in een fMRI scanner om hun hersenactiviteit te meten.

Tijdens de meting werden opnames afgespeeld met onzindialogen. Die dialogen werden rustig uitgesproken of met een opgewonden toon, zoals mensen doen als ze kwaad zijn. Tijdens hun slaap reageerden de hersens van alle kinderen op de opgewonden uitgesproken zinnen. Kinderen die uit een familie kwamen waar vaak ruzie is, reageerden extra hevig.

Vooral de hersenregio’s waar emoties worden verwerkt, zoals de hypothalamus, vertoonden extra activiteit tijdens de ‘ruzie’ op een bandje. Volgens de onderzoekers zijn er aanwijzingen dat geregeld ruzie maken in de nabijheid van je slapende baby de ontwikkeling van de hersens zelfs kan beïnvloeden. Uit eerder Europees onderzoek blijkt dat kinderen uit huishoudens met veel ruzie later een grotere kans hebben op emotionele instabiliteit, stress en psychische problemen.

De oude spreuk ‘niet waar de kinderen bij zijn’, blijkt dus wel degelijk op waarheid te berusten. Als je ruzie moet maken, doe het dan altijd buiten gehoorafstand van de kinderen, zo schrijven de onderzoekers in het vakblad Psychological Science.