Net zo veel calorieën en toch dikker: het maakt uit wát je eet

net zo veel calorieen

Lukt het maar niet om af te vallen? Stop dan met het tellen van calorieën en kijk eens goed naar wat je precies eet. Een nieuwe Amerikaanse studie maakt namelijk duidelijk dat het een enorm verschil kan maken hoe je voedingsmiddelen er precies uitzien. Waarbij vooral geldt: blijf van gemaksvoedsel af en ga voor vers.

Het National Institutes of Health (NIH) liet proefpersonen drie maaltijden per dag eten in een laboratorium, mannen en vrouwen. De helft kreeg als ontbijt bijvoorbeeld havermout, melk, rauwe amandelen en bosbessen (zie foto links). De andere helft kon zich storten op pannenkoeken, gebakken aardappelen, worsten en appelsap (rechts).

Beide maaltijden hadden hetzelfde aantal calorieën in één portie. Ze bevatten ook dezelfde hoeveelheid vetten en koolhydraten. De proefpersonen mochten echter zo vaak opscheppen als ze wilden.

Na veertien dagen werden de proefpersonen gewogen. De mensen die het rechtermenu hadden gegeten, waren gemiddeld een kilo aangekomen. Uit metingen bleek dat ze per dag 508 calorieën meer hadden genuttigd. Hun bloeddruk was hoger. Daarna gingen ze het linkermenu eten en verdween diezelfde extra kilo weer binnen twee weken.

De truc? Het dikmakende menu bevat veel gemaksvoedsel, heftig bewerkte voedingsmiddelen als worst en friet. De onderzoekers zagen dat mensen deze zaken sneller aten dan gewone aardappelen of een biefstukje. Daarnaast aten ze er meer van, de hersens geven waarschijnlijk niet tijdig een signaal dat je vol bent. Bovendien zit er veel zout in, wat de hoge bloeddruk verklaart.

Dus? Schil een pieper, in plaats van friet in het vet te gooien. Laat vooral de worst staan.