Nieuws

Met z´n allen door de bocht


Dieren in een groep beslissen sneller en beter. Niet dor leiders, maar door taakverdeling, leert een vissenstudie.

Leven in een groep heeft voor veel dieren zin, volgens biologen. Bijvoorbeeld omdat er eerder roofdieren worden opgemerkt. Vandaar de evolutie van groepsgedrag in een groot deel van de dierenwereld, ook bij de mens. De precieze processen achter de voordelen van groepen zijn echter nog grotendeels onbekend, omdat zij zo lastig te meten zijn. Een visschool verandert in een oogwenk van richting. Maar welke vis begon, en wie volgde wie?

wie volgt wie?

Een studie van het Mexicaanse muskietenvisje, waarin het gedrag van enkelingen van het visje met dat van groepjes van twee, vier, acht en zestien visjes werd vergeleken, brengt daar nu verandering in. De vissen mochten in een aquarium een Y-vormige buis in zwemmen, met in een van de poten een model van een roofvis. Gemeten werd hoe vaak en hoe snel ´juist´ werd gekozen voor de afslag zonder de ´roofvis´. In hun eentje maakten 55% van de proefvissen de juiste beslissing, bij groepen van twee al 70%, en zo verder tot 85% bij zestien vissen. Hoe groter de groep, hoe korter er voor het ingaan van de poten van de Y werd gedraald.

Onderzocht werd of de snellere en betere beslissingen in groepen lagen aan het met de groepsgrootte toenemen van de kans op een bijzonder goede roofvis-´spotter´-een leider die de rest van de groep maar hoefde volgen- of aan de ´vele ogen´ die elk een stukje van de omgeving afspeuren op vijanden. Het laatste, bleek uit nauwkeurige video-analyse van de bewegingen van de vissen. Geen enkele vis werd meer gevolgd dan een ander, en bovendien presteerden alle vissen in hun eentje ongeveer even goed. De betere groepsprestaties kwamen volgens de onderzoekers doordat vissen reageerden op de subtiele gedragsverandering wanneer één van de groepsleden de roofvis zag – een soort ´aanvoelen´ dus.

Bron: PNAS, 8 februari, p 2312-2315; Beeld: Dreamstime.