Nieuws

Kopschoppen verklaard


De kans dat jongeren buitensporig geweld gebruiken, wordt veel groter als de slachtoffers op de grond belanden. Dit concludeert de Universiteit van Amsterdam na het analyseren van 159 geweldsituaties in Nederland. De onderzoeksresultaten zijn in het British Journal of Sociology gepubliceerd.

De universiteit vergeleek 159 justitiële dossiers. Vooral waar sprake was van tomeloze, ongecontroleerde agressie. Op zulke momenten zijn de daders niet meer aanspreekbaar, zijn ze uit op totale dominantie of destructie van het slachtoffer en blijven doorgaan met het verwonden van de slachtoffers.

Zoiets deed zich voor in achtentwintig van de onderzochte situaties. De kans dat geweld escaleert is meer dan drie keer groter wanneer aanvallers deel uitmaken van een groep jongeren met een sterke onderlinge band. De onderlinge verbondenheid kan het resultaat zijn van een gezamenlijke focus op geweld (bijvoorbeeld door het speuren naar geschikte slachtoffers of door elkaar uit te dagen) en door het delen van dezelfde emotie (zoals boosheid of uitgelaten opwinding).

Wanneer zich in de groep familieleden bevinden, wordt de kans op ongecontroleerd geweld acht maal groter. Het geweld verergert vaak als slachtoffers zich in een kwetsbare positie bevinden, met name als zij op de grond terechtkomen. De kans op extreem geweld wordt dan bijna twaalf maal groter. Ook het numerieke overwicht van de ‘supporters’-groep van de aanvallers (de groep die toekijkt of aanmoedigt) op de groep die bij het slachtoffer hoort, lokt een escalatie van geweld uit.