Nieuws

Kleine criminelen vaak psychisch gestoord


Kinderen die voor hun twaalfde al met de politie in aanraking komen, hebben vaak ernstige psychische problemen. Een politiecontact is daarmee een kans om bij deze kinderen problemen te herkennen en zo nodig te behandelen. Het tijdig herkennen van wie wel en wie juist geen problemen heeft, maakt passende hulp mogelijk voor wie dat echt nodig heeft. Dat zegt onderzoeker Charlotte Geluk die 16 mei promoveert bij VU medisch centrum.

Jeugdigen die voor hun 12e levensjaar starten met delinquent gedrag hebben een relatief groot aandeel in de criminaliteitscijfers. Dit leidt tot hoge maatschappelijke kosten. Tot nu toe was echter nog weinig bekend over deze 12-minners en hun risico’s op herhaald delinquent gedrag. Charlotte Geluk heeft deze kinderen langere tijd gevolgd. Uit haar onderzoek blijkt dat er grote verschillen zijn in problematiek en toekomstige criminele carrière.

Bij een deel van de 12-minners is vooral sprake van gedragsproblemen en impulsief gedrag. Ook speelt er bij een deel een veelheid aan problemen: agressief en impulsief gedrag, somberheid, problemen in de sociale omgang en gezinsproblematiek. Veel 12-minners blijven delinquent gedrag vertonen. Deze groep is ook vaak zélf slachtoffer van geweld en pesten.

Daarnaast bestaat er een groep 12-minners die relatief weinig problemen heeft en een lage kans op herhaling en slachtofferschap. Een eerste politiecontact kan dus ook een incident zijn en hoeft niet altijd te leiden tot langdurig, frequent en ernstig delinquent gedrag. Goede signalering en diagnostiek zijn noodzakelijk om kinderen die dat nodig hebben passende hulp te bieden en onnodig problematiseren te voorkomen.