Kapucijnapen leven in hun eigen stenen tijdperk


kapucijnaap met werktuig

Archeologen hoeven zich niet alleen met het menselijke verleden bezig te houden. Nieuw onderzoek in Brazilië richt zich op een heel andere soort, de kapucijnapen. Met opmerkelijke uitkomsten, deze dieren gebruiken al duizenden jaren werktuigen en ze ontwikkelen zich. Momenteel zitten ze nog in hun eigen stenen tijdperk. Maar misschien zit er meer in.

Minstens 450 generaties, of 3000 jaar gebruikt een groep in het Braziliaanse regenwoud stenen om voedsel mee te bewerken. Archeologen van University College London vonden 122 werktuigen, sommige recent, anderen eeuwenoud. Ze waren aangepast op het voedsel dat de dieren wilden nuttigen.

De oudste stenen werktuigen waren simpel en klein. Ze waren ook aan alle kanten beschadigd. Maar 300 jaar geleden gebeurde iets, ineens gingen de apen grotere en hardere stenen gebruiken. Ook vonden de archeologen aambeelden uit die periode, wat de vraag oproept of ze toen harder voedsel gingen openen met hun werktuigen.

Honderd jaar geleden veranderden de apen nog een keer van dieet. De stenen die sindsdien in gebruik zijn, hebben residu van cashew op de snijvlakken. Een teken dat de kapucijnapen vanaf dat moment de nootjes los zijn gaan snijden van de vruchten waar ze op groeien. Sindsdien lijkt dat voedsel favoriet te zijn.

De archeologen proberen nog te achterhalen of de werktuigen van verschillende generaties van dezelfde groep zijn, of dat er verschillende populaties op dezelfde plek hebben gewoond en gegeten.

Ook in Afrika zijn oeroude werktuigen gevonden van bijvoorbeeld chimpansees. Biologen spreken zelfs over ‘culturen’ en ‘tradities’als ze het over het verschillende werktuiggebruiken van dieren hebben. De mens is ook ooit begonnen met stenen werktuigen en ontwikkelde zich mede daardoor.

(Nature Ecology & Evolution)