Je neusgaten eindelijk verklaard

Hoe warmer hoe groter


neusgaten van een baby

De neus is zonder twijfel het onderdeel van het menselijk hoofd waarbij de meeste variatie mogelijk is. Plat of juist geprononceerd; hakend of buigend; recht of zo scheef als maar kan. Die verschillen kunnen nu voor een deel worden verklaard. Er is door Penn State University (VS) namelijk belangwekkend onderzoek gedaan naar de neusgaten.

Want waarom hebben sommige mensen grote gaten, terwijl anderen bijna door spleetjes moeten ademen? Om antwoord te krijgen op die vraag, werden de neusgaten van 2.600 proefpersonen in Amerika, Afrika, Europa en Azië doorgemeten. Die gegevens werden gelegd naast klimaatgegevens van de woonplaats van deze mensen. Wat is het geval? Hoe warmer en vochtiger de lucht is, hoe groter de neusgaten van mensen. Hoe kouder, hoe nauwer de toegang tot de slijmvliezen is.

Dat is ook wel logisch. Een van de functies van de neus is om de instromende lucht te bevochtigen en op te warmen. Dat is vooral van belang in de koudere klimaatzones, waar anders te droge en koude lucht in de longen terecht zou komen. Vooral dat bevochtigen gaat beter bij kleine neusgaten. De nauwe toegang betekent dat minder lucht tegelijk naar binnen kan stromen. Dus geeft het slijmvlies het vocht beter af, waardoor het ademhalingssysteem beter is beschermd.

De theorie dat neus en klimaat met elkaar in verbinding staan, werd al in 1923 geopperd. Maar het heeft tot nu geduurd om die theorie te bewijzen, omdat het onderzoeken van rassenverschillen decennia lang in een kwaad daglicht stond. Dat kwam doordat er te veel onderzoeken waren geweest die puur tot doel hadden om de superioriteit van het ene of andere ras aan te tonen.

Pas nu doen wetenschappers weer wat meer studies naar de kleine verschillen die de menselijke soort weer zo interessant maken. We krijgen daarmee een beter inzicht naar onze eigen evolutie, die net als bij dieren vooral door omgevingsfactoren is ingegeven. Zoals deze, gepubliceerd in PLOS Genetics.