Nieuws

Indiaans mysterie


Archeologen krabben zich achter hun oren. Ze hebben aan de Amerikaanse oostkust een Indiaanse begraafplaats ontdekt, maar daar liggen alleen maar armen en benen en een enkel hoofd. Waar zijn de andere lichaamsdelen gebleven? De opgraving in Pig Point, Maryland lopen nu vier jaar, maar het mysterie van deze plek wordt alleen maar groter. Zo toont DNA uit de beenderen aan dat het gaat om priairi-indianen, maar die leefden bijna 1000 kilometer verderop.

Pot, opgegraven op Pig Point.

De opgravingen in Pig Point toont aan dat de begraafplaats is gebruikt tussen 230 voor- en 620 na Christus. Volgens de archeologen werden de graven steeds weer opnieuw geopend en gesloten. Veel van de beenderen zijn gebroken of zelfs verpulverd. Vlak bij de begraafplaats zijn gaten gevonden waarin de tentstokken van wigwams zaten. De oudste gaten dateren van 3000 jaar geleden, de jongste uit de 16e eeuw.

Daaruit concluderen de archeologen dat het gaat om een heilige plek, maar van welke indianen? Van geen enkele stam is bekend dat ze hun botten kapot maken of dat ze alleen maar armen en benen begroeven. Ook het afleggen van enorme afstanden voor het begraven van botten is een onbekend fenomeen in de bekende Indiaanse culturen.

In de 17e eeuw werd deze omgeving gekoloniseerd door Europeanen. Toen is het gebruik door indianen definitief tot een einde gekomen. Gek genoeg bouwden ook de nieuwe bewoners niet ver van Pig Point een begraafplaats.