Hoe klonkt oer-Europees?


talen

Talen evolueren, net als planten en dieren. Dus kun je, door het pad van de evolutie terug te volgen, ontdekken hoe mensen vroeger spraken. Tot niet zo heel lang geleden gebeurde dat door de verschillende talen van bijvoorbeeld Europa handmatig met elkaar te vergelijken. Daaruit volgde dat ooit iedereen op het continent min of meer dezelfde taal moet hebben gesproken, proto-Indo-Europees.

Nu denken taalwetenschappers met hulp van computerprogramma’s te kunnen reconstrueren hoe die taal heeft geklonken. Opnieuw gebruiken ze de huidige talen als uitgangspunt om conclusies te kunnen trekken over de voorouder. Zo, denken wiskundigen van het Cambridge Statistical Laboratory (GB), kun je de klanken ontdekken van wel 8000 jaar geleden.

Ze onderstrepen dat het niet gaat om het zoeken naar een gemiddelde tussen de bestaande talen, maar om een statistisch proces waarbij ze daadwerkelijk de evolutie terugdraaien tot een taal die zeer waarschijnlijk toen werd gesproken. Op die manier hebben ze ontdekt hoe 8000 jaar geleden van één tot tien werd geteld.

Een – óinos; twee – dwoh; drie – tréies; vier – kwetwóres; vijf – pénkwe; zes – (k)swekjs; zeven – septw; acht – hokjto; negen – hnewhm; tien – dekwm(t).

Uiteraard is er geen enkele manier om te checken of dit klopt. Er zijn geen bronnen die aangeven hoe mensen 8000 jaar geleden spraken, maar het programma werkt voor recentere voorgangers van onze talen die wel zijn vastgelegd.