Gouden water ontdekt


Reykjanes fumarol

Diep onder de warmwaterbronnen van Reykjanes in IJsland hebben geologen gouden water ontdekt. Het hete, zoute en diepe water in de bron bevat 14 microgram goud per kilogram water en dat is 500.000 keer meer dan in normaal zeewater. Waar dit edelmetaal vandaan komt en waarom het daar zo geconcentreerd voorkomt, is nog onbekend, zo schrijven de onderzoekers in het tijdschrift Nature Geoscience.

Goud uit gewone stoffen halen, zoals water, is al een eeuwenoude wens van de mens. Alchemisten dachten er in de Middeleeuwen heel dicht bij te zijn. In het begin van de twintigste eeuw deed de wetenschap een serieuze poging. De ontdekking dat zeewater goud bevat, maakte de weg vrij voor experimenten om het te destilleren. Maar dat lukte niet.

In die periode werd ook ontdekt dat water rond fumarolen, vulkanische openingen in de aardkorst, meer goud bevat dat water verderop. Daarmee was de link met vulkanen gelegd. Doordat vulkanisme water sterk verhit, lossen daar makkelijker mineralen en metalen in op. Daaronder ook goud.

In de heetwaterbronnen van Reykjanes kan water een temperatuur van wel 300 graden bereiken. Door de diepte van de bron kan het water niet verdampen, waardoor het al maar heter kan worden. Daarbij neemt het schijnbaar goud op, dat zich in de bodem van IJsland bevindt. Het hele Reykjanes-reservoir bevat wel 10.000 kilo opgelost in water, denkt het internationale onderzoeksteam dat de bron bestudeert.

De hamvraag is natuurlijk of dat goud ook gedolven kan worden. Dat lijkt moeilijk, de hoge temperaturen en de barre omstandigheden zijn een uitdaging. De wetenschappers hebben zich ook niet met deze vraag bezig gehouden, de beslissing om iets met deze goudmijn te doen is aan de IJslandse overheid en een commerciële partij die het aandurft.