Ceres: dwerg met antirimpelcrème


Ceres

De dwergplaneet Ceres werd in de afgelopen 4,5 miljard jaar door vele asteroïden geraakt. Maar het oppervlak is uitzonderlijk glad, zijn er nauwelijks sporen van inslagen te zien. Terwijl Ceres volgens de statistieken tien tot vijftien kraters van meer dan 400 kilometer in diameter zou moeten hebben en minstens veertig inslagpunten van meer dan honderd kilometer.

Hoe kan dat? De buitenste korst van Ceres bestaat niet alleen uit gesteente, maar ook een aanzienlijk groot deel ijs en zout. Dit maakt het oppervlak zachter en flexibeler. Afvlakfactor nummer twee is volgens een studie van het Southwest Research Institute (VS) radioactiviteit. De straling vanuit het binnenste van Ceres genereert warmte en versnelt de nivellering van het oppervlak.

Dat blijkt uit metingen van de sonde Dawn, die de asteroïdengordel tussen Mars en Jupiter onderzoekt. Ceres bevindt zich ook in die regio van ons zonnestelsel. Dawn ontdekte verschillende verschillende vulkanen op het oppervlak van Ceres. Die gedragen zich anders dan op aarde; in plaats van lava spuwen ze zout water uit.

Door deze gegevens in een computersimulatie van het oppervlak te stoppen, hebben de planeetkundigen van Southwest aangetoond dat het oppervlak steeds weer glad trekt, hoe hard de dwergplaneet ook wordt geraakt. Het grootste inslagpunt is het Kerwanbekken, een 285 kilometer brede inslagstructuur, schrijven de onderzoekers in Nature Communication.