Nieuws

Duitse armen steeds armer (en dat is goed)


Terwijl de rest van Europa in economisch opzicht net 6 verschrikkelijke jaren achter de rug heeft, doet Duitsland het geweldig. De export draait op volle toeren. In het crisisjaar 2011 werd zelfs meer uitgevoerd dan ooit tevoren. Hoe doet Duitsland dat? Economen van verschillende Duitse en Britse universiteiten probeerden samen een antwoord te formuleren op die vraag.

In de Journal of Economic Perspectives leggen ze uit dat het in ieder geval niet de euro is geweest die Duitsland zo goed heeft gedaan. Die kan de groei zelfs iets hebben geremd omdat de munt sterk bleef ondanks alle economische problemen. Wat wel heeft geholpen, is de daling van loonkosten in de Bondsrepubliek. Vanaf 1995 zijn de lonen van vooral de laagst betaalde arbeiders aan één stuk gedaald.

Daardoor was het aantrekkelijk om mensen in dienst te nemen. Terwijl de rest van Europa diep in de crisis zat, daalde de werkloosheid in Duitsland stevig. Al die werknemers maakten vooral spullen voor de rest van de wereld: 7,7 procent van alle wereldhandel kent zijn oorsprong in Duitsland. Andere Europese landen, zoals Italië en Groot-Brittannië, zagen hun loonkosten juist stijgen in de crisis, waardoor er nog minder mensen aan het werk bleven.

Een gevolg van deze ontwikkeling was wel dat de verschillen in inkomen in Duitsland enorm zijn toegenomen. De armen werden armer, de rijken rijker. De groep die zeer goed verdient, kromp, terwijl de laagst betaalde klasse in omvang toenam. Niet erg sociaal, volgens sommigen, maar wel een manier om de economie te laten groeien.