Dinobrein was best groot


dinobrein

Het was de droom van iedere paleontoloog: als eerste een brein van een dinosauriër vinden. Het overkwam de Britse paleobioloog Martin Brasier een paar jaar geleden. Lang heeft de professor uit Oxford niet van de vondst kunnen genieten, hij kwam niet veel later om door een verkeersongeluk. De hersens uit het Zuid-Engelse plaatsje Bexhill, zijn daarom door zijn collega’s bestudeerd. Het onderzoeksverslag is nu gepubliceerd door The Geological Society, postuum onder naam van Brassier.

De hersens uit Bexhill behoren toe aan een Iguanodon die 133 miljoen jaar geleden leefde. Het is voor het eerst dat zulke oude zachte delen zijn gevonden. De omstandigheden voor fossilisatie waren dan ook exaxt goed. De buitenste laag van de hersens is snel gemineraliseerd, waardoor de binnenkant bijzonder goed bewaard is gebleven. Die structuur van kwabben en bloedvaten is de afgelopen tijd door collega’s van Brassier uitgebreid met scanners in kaart gebracht.

Daaruit blijkt dat het om een complex brein gaat, met veel interne vertakkingen. Ook is het brein behoorlijk groot. Tot nu toe gingen paleontologen er vanuit dat dino’s relatief kleine en eenvoudige hersens hadden. Dat betekent dat deze dieren waarschijnlijk slimmer waren dan tot nu toe werd gedacht. Wellicht waren ze in staat tot complexere vormen van samenwerking dan we altijd hebben vermoed.

Het brein is wat dat betreft een doorbraak. We weten veel over dino’s, maar natuurlijk niet hoe ze zich gedroegen. Jaagden ze in groepen? Waren ze in staat tot samenwerking? Sociaal gedrag? Dit ene brein, dat bij toeval perfect bewaard is gebleven, kan veel van die vragen beantwoorden. De collega’s van Brassier benadrukken dat ze nog maar net zijn begonnen om deze hersens te begrijpen. Meer onderzoek moet de komende jaren nog meer antwoorden opleveren.