Dingo is deel ecosysteem geworden


australische-muis

Een nieuwe studie uit Australië heeft een prachtig voorbeeld gevonden van de wet van onbedoelde neveneffecten. Het onderzoek richt zich op dingo’s, verwilderde honden die Down Under sinds jaar en dag een plaag zijn. Daarom is het grote dingohek geplaatst, een twee meter hoge versperring die 5600 kilometer door de Australische outback loopt. Oostelijk van dat hek mag je alle dingo’s doden, ten westen daarvan worden de honden – die door kolonisten zijn geïntroduceerd – met rust gelaten.

Onderzoekers van de University of New South Wales bekeken luchtfoto’s van beide kanten van het hek uit de jaren tussen 1948 en 1999 om te zien of er in het landschap veranderingen waren opgetreden. Dat bleek op grote schaal het geval te zijn, de kant zonder dingo’s was veel meer bedekt met laag struikgewas. Dat is zeer hinderlijk voor boeren, die de outback gebruiken om grote kuddes vee te laten grazen.

Waarom zorgt de afwezigheid van dingo’s voor meer struiken? Het was even puzzelen, maar het team heeft het antwoord gevonden. De sleutel is een diertje dat de dusky hopping mouse wordt genoemd, oftewel de Notomys fuscus (foto). Dat dier eet de besjes van de struiken die zo welig tieren aan de oostkant van het hek. Hoe minder dingo’s ergens zijn, hoe meer vossen en wilde katten voorkomen. Die eten weer de muizen, die zo de besjes niet kunnen eten. De besjes kunnen daardoor vaker een nieuwe struik laten ontstaan.

Dat plaatst de in Australië altijd zo vervloekte dingo’s in een ander licht. Ze werden altijd gezien als overlast, een kunstmatig geïntroduceerd roofdier, maar ze blijken nu een plek te hebben in het ecosysteem van de woestijn. Ze beperken het aantal wilde katten en vossen. Er gaan in Australië al stemmen op om het hek te verwijderen of er openingen in aan te brengen. Deze studie, gepubliceerd in het Journal of Animal Ecology zal daar zeker aan bijdragen.