De Melkweg verdwijnt


lichtvervuiling

Kunstlicht is overal en het wordt steeds helderder. Het gevolg is dat we geen sterren meer zien. Een derde van de wereldbevolking kan de Melkweg niet meer waarnemen; in Europa is het zelfs 60 procent. Er zijn zelfs steeds meer plekken waar het nooit echt donker wordt, hooguit een soort schemerig. Daaronder lijden dieren die de nacht nodig hebben voor de jacht, maar ook mensen.

Om de lichtvervuiling weer te geven heeft het Italiaanse Istituto di Scienza e Tecnologia dell’Inquinamento een interactieve atlas gemaakt. Daarop is te zien waar overal het kunstlicht de duisternis verdrijft. De atlas is samengesteld uit metingen op 21.000 punten wereldwijd. De conclusie? Zo’n 83 procent van de wereldbevolking heeft te maken met minstens milde lichtvervuiling, in Europa en de VS is het zelfs 99 procent.

De meest lichtvervuilde naties ter wereld zijn Singapore en Koeweit, de minste lampjes vind je in Afrikaanse landen als Malawi of Madagaskar.In Europa zijn echt donkere plekken vooral nog te vinden in Scandinavië, Schotland en de Alpen. Nederland en België behoren in hun geheel tot de lichtste landen van de wereld.

Dat heeft nogal wat gevolgen. Uit eerder onderzoek is gebleken dat bij ernstige lichtvervuiling niet alleen sterrenkundigen nadelen ondervinden, ook gewone mensen krijgen te maken met verstoorde dag-nacht ritmes en slapeloosheid. Lichtreceptoren in de huid worden steeds ongevoeliger, zodat we eigenlijk geen verschil meer merken tussen dag en nacht.

Wat daar tegen te doen? Volgens de samenstellers van de atlas kunnen we minder heldere lichten gebruiken en lampen afschermen zodat ze alleen het object beschijnen dat verlicht moet worden. Ook zouden ’s nachts bepaalde lichtbronnen uitgeschakeld kunnen worden.