Nieuws

De ellende met egoïsten


Als zich ergens een rij met mensen vormt, die wachten om aan de beurt te komen, zijn er altijd figuren die voordringen. In de economische wetenschappen en de sociologie is daarvoor de term freeloader bedacht: mensen die het systeem misbruiken om er zelf voordeel van te hebben, ook al benadelen ze anderen. Volgens allerlei studies bestaat tussen de 10 en 20 procent van de bevolking uit freeloaders.

Onderzoek aan Harvard universiteit in de Verenigde Staten toont nu aan dat maar een paar procent freeloaders die er mee weg komen al genoeg is om een systeem van samenwerking (zoals de rij in dit voorbeeld) te laten instorten. Ineens dringt iedereen naar voren om aan de beurt te komen.

Dat soort ineenstortingen van systemen wordt nog erger als mensen zich op verschillende momenten in de tijd bevinden, ontdekte het team op Harvard. Neem vis. Door nu niet te overbevissen, is er voor toekomstige generaties vissers ook nog wat te vangen. Maar in tegenstelling tot de mensen in de rij, kunnen die toekomstige vissers niet protesteren tegen de freeloaders.

In experimenten aan Harvard (waarbij een pot met geld moest worden verdeeld) wonnen de ‘overbevissers’ uiteindelijk iedere keer. Als zij ongestoord hun gang konden gaan, dan begonnen niet-egoïstische mensen het uiteindelijk ook te doen en was de pot voor toekomstige deelnemers leeg. De enige remedie tegen egoïsme bleek democratie en handhaving te zijn.

Alleen een verdeling van de pot die met meerderheid van de stemmen werd aangenomen werkte, in combinatie met harde maatregelen als iemand zich er niet aan hield. Bij overbevissing (en allerlei andere economische delicten, als uitkeringsfraude) betekent dat strenge controle en snoeiharde maatregelen. Anders stort een systeem binnen korte tijd in.

Het onderzoek staat in Nature.