China: waar zijn alle ezels?


ezel

dertig jaar geleden liepen er in China nog 11 miljoen ezels rond. Boeren gebruikten de lastdieren voor het zware werk, als het dragen van oogsten naar de markt. Maar er zijn nog maar 3 miljoen van deze dieren over. Waar is de rest gebleven? In de kookpot, zegt de internationale hulpgroep Donkey Sanctuary.

De Chinezen maken van de huid van ezels namelijk een traditioneel medicijn, e’jiao. Daarvoor zijn veel dieren nodig, een ezel levert over het algemeen maar 1 kilo van deze gelei-achtige substantie op. In China zelf zijn al bijna alle ezels die beschikbaar kwamen afgeslacht. Voor boeren is een ezel niet meer te betalen, omdat de prijs enorm zijn gestegen.

Het middel e’jiao zou helpen tegen een hele reeks aandoeningen, van droge hoest tot bloedingen en van slapeloosheid tot miskramen. Het middel werd vroeger vooral door keizers en keizerinnen gebruikt en heeft daarom een goede naam onder Chinezen. Die betalen daarom grif geld voor een potje. Ze lossen het op in thee of mengen het door een maaltijd.

Omdat China niet meer genoeg ezels heeft, komt de huid van de dieren steeds vaker uit andere landen, meldt Donkey Sanctuary. Pakistan heeft de (illegale) export van ezels richting China enorm zien toenemen. Maar ook een land als Botswana meldt dat de vraag naar ezels is geƫxplodeerd, ondanks de afstand tot China. De regering daar heeft recent de export naar China verboden, om de eigen bevolking te beschermen tegen een tekort.

De producenten van e’jiao zouden daarom steeds vaker kamelen, paarden, varkens en zelfs oude schoenen gebruiken om de gelatine te maken. Overigens is het nut van deze stof als medicijn nooit wetenschappelijk aangetoond, net zo min als van veel andere traditionele geneesmiddelen uit China als gemalen neushoorn.