Buiten spelen zorgt voor betere ogen


ogen

Langer buiten spelen zorgt ervoor dat minder kinderen bijziend worden. Dat zegt tenminste een nieuwe studie die is gedaan in het Chinese Guangzhou.

Bijziendheid, of myopie, betekent dat iemand voorwerpen die ver weg zijn niet scherp kan zien. In sommige stedelijke gebieden in Oost- en Zuidoost-China is bijziendheid onder jongvolwassenen een ware epidemie. Tachtig tot wel negentig procent van de schoolverlaters hebben het. Ook in Europa en het Midden-Oosten begint het ook toe te nemen.

Er is nog geen effectieve aanpak gevonden om myopie tegen te gaan, maar recente studies laten zien dat meer naar buiten gaan lijkt te helpen. Onderzoekers van de Sun Yat-sen University in Guangzhou deden een onderzoek waarin eersteklassers van zes basisscholen verplicht veertig minuten extra buiten moesten spelen. Ouders werden ook aangemoedigd om meer activiteiten buitenshuis te ondernemen met hun kinderen, vooral tijdens weekeindes en vakanties.

Na drie jaar had dertig procent van de kinderen bijziendheid. Op zes scholen waar geen aandacht werd besteed aan meer buiten zijn, was dat bijna veertig procent. De refractiefout in het optische systeem van het oog was flink minder op de test-scholen dan bij de scholen waar kinderen binnen hadden gezeten.

Het resultaat lijkt dus te zijn dat bijziendheid met een kwart afneemt door buiten te spelen. Dat is minder dan de onderzoekers van tevoren hadden verwacht. Toch is het een belangrijk resultaat, omdat bijziendheid op jonge leeftijd ontwikkelen leidt tot een grotere kans op ernstige bijziendheid als volwassene.