Nieuws

“Bewijs voor Big Bang”


Amerikaanse wetenschappers beweren extra bewijs te hebben gevonden voor de Big Bang of Oerknal die het begin van het universum betekende. Ze hebben op de Zuidpool zeer flauwe straling waargenomen die wordt gezien als een ‘echo’ van die geweldige explosie.

Albert Einstein voorspelde in 1916 al de straling die vandaag is waargenomen. Zijn theorie van relativiteit betekent dat alle objecten zwaartekracht oproepen die zich in een golfbeweging van dat object verwijdert. Vaak wordt de vergelijking gemaakt met een bowlingbal op een matras. De deuk die deze bal maakt, is te vergelijken met de deuk die de aarde en andere planeten maken in ruimte en tijd.

De theorie van Einstein impliceert dat ook de Big Bang zelf zwaartekrachtgolven moet hebben gecreëerd, verstoringen van ruimte en tijd die door de mens met specialistische apparatuur waargenomen kan worden. Het Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics beweert dergelijke golven nu te hebben gezien. Op de Zuidpool namen ze een ‘kringelende’ verstoring van licht in een bepaalde frequentie waar.

Dat lijkt misschien niet zo spectaculair, maar het is het soort ontdekking dat een Nobelprijs kan opleveren. Dankzij deze waarneming lijkt nu vrijwel zeker dat de Big Bang heeft plaatsgevonden en dat het universum daarna in zeer snel tempo zichzelf heeft opgeblazen om de ruimte te vullen.