Automatisering maakt niet werkloos


automatisering

‘In 2000 zullen machines zo veel produceren dat iedereen in de VS onafhankelijk en rijk zal zijn. Met ondersteuning door de overheid zullen zelfs gezinnen waarin niemand werkt een jaarlijks inkomen van 30.000 tot 40.000 dollar hebben. Hoe je betekenisvol moet ontspannen wordt een groot probleem. [..] Er komt een plezier-georienteerde samenleving vol gezonde degeneratie.’

Dat schreef het blad Time op 25 februari 1966, meer dan een halve eeuw geleden. En het blad was zeker niet de eerste die waarschuwde voor een overvloed aan vrije tijd. De beroemde Britse econoom John Maynard Keynes (1883 –1946) was al voor de Tweede Wereldoorlog bang voor massale verveling door automatisering.

Nu is het de Partij van de Arbeid in Nederland die bang is voor automatisering.’Als we niet uitkijken is iedereen werkloos want de digitalisering gaat snel. Ongekend snel. Verschrikkelijk snel’, zei Kamerlid Gijs van Dijk vanochtend op Radio 1. Hij is niet de eerste PvdA’er die dit soort denkbeelden heeft. Twee jaar geleden waarschuwde Lodewijk Asscher al voor de gevolgen van de snelle opkomst van robots en andere automatisering op de arbeidsmarkt.

Maar is dat wel terecht? De angst voor werkloosheid door automatisering is al heel oud, zoals hier aangetoond. En onterecht. Onderzoek toonde in 2007 aan dat de hoeveelheid tijd die we besteden aan bezigheden die we puur voor de lol doen, de afgelopen honderd jaar niet is toegenomen. Automatisering heeft ons wel meer tijd gegeven, maar die hebben we moeiteloos gevuld met allerlei bezigheden. Aan het huishouden besteedde de gemiddelde westerse mens in 1912 bijvoorbeeld 56 uur; nu is dat 45 uur. Waar zijn die elf uur gebleven? Onder andere in de file. We werken, recreëren en winkelen dankzij onze betere vervoersmiddelen verder van huis.

Ook de ‘snelheid van leven’ is door onze grotere efficiency enorm toegenomen. Dankzij automatisering proppen we steeds meer bezigheden in een dag. Ga maar na hoeveel tijd het dertig jaar geleden nog kostte om naar de bank te gaan om met dat geld de bakker, groenteboer en slager te bezoeken; nu pinnen we bij de supermarkt.

Dat is eigenlijk de trieste conclusie van anderhalve eeuw lang steeds efficiënter worden: we hebben het eigenlijk alleen maar drukker gekregen. Betere auto’s betekenen langer rijden; computers slokken linksom de tijd op die ze ons rechtsom besparen. Nu informatie een van de belangrijkste bronnen van economisch verkeer is geworden, zal onze consumptie van al die gegevens alleen maar verder toenemen. De nieuwste generatie aardbewoners doet dat nu al. De gemiddelde tien- of elfjarige heeft thuis vaak vijf schermen tegelijk aan (smartphone, televisie, tablet, gameconsole en laptop of pc) ontdekte de universiteit van Bristol (Groot Brittannië).