Armere autorijder sterft eerder


dreamstime_xs_31869942

Het aantal verkeersdoden in de wereld blijft al jaren constant, ondanks dat er steeds meer verkeer is. Volgens een studie komen van de World Health Organisation (WHO) komen per jaar 1,25 miljoen mensen om als gevolg van ongevallen in het verkeer. Dat getal is al sinds 2007 stabiel

Echter, de wereld valt uiteen in een arm en een rijk deel. Ongeveer 90 procent van de verkeersdoden valt volgens de WHO in landen met een laag tot gemiddeld inkomen, ook al is daar slechts 54 procent van alle voertuigen wereldwijd op de weg.

In landen die geen geld of organisatie hebben voor de verkeersveiligheid, zijn er veel meer doden dan in rijke landen. De kloof tussen rijke en arme landen is vooral duidelijk bij vergelijking van de statistieken van de verkeersdoden per 100.000 inwoners. In het zeer gemotoriseerde Duitsland waren er in 2013, volgens het WHO-rapport, 4,3 doden per ton inwoners. Vergelijk dat met het West-Afrikaanse Liberia, waar 33,7 sterfgevallen waren per 100.000; gezien het aantal inwoners dat is bijna acht keer zoveel doden, maar veel minder mensen kunnen er een auto veroorloven.

De tweedeling werkt overal in door. Zo wisten 79, voornamelijk rijkere, landen het aantal verkeersdoden te verminderen. In 68 voornamelijk lage-inkomenslanden steeg het aantal sterfgevallen in het verkeer. Daar komen steeds meer auto’s, die vervolgens vooral voetgangers, fietsers en motorrijders aanrijden. Zij vormen de helft van alle dodelijke slachtoffers. Juist deze groepen zijn in het verkeersbeleid van arme landen vaak ondergeschoven kindjes.

Gordels zijn nu wettelijk verplicht voor alle inzittenden van een auto in 105 landen. In 47 staten zijn snelheidsbeperkingen tot 50 kilometer per uur in woonwijken. Wettelijke grenzen aan het alcoholgebruik achter het stuur bestaan in 34 landen, helmgebruik voor motorrijders in 44. Nog maar 54 landen hebben regels voor kinderzitjes.

Afrika blijft de regio met het hoogste percentage verkeersdoden, Europa kent de minste slachtoffers. Het beste is de boel geregeld in Zweden (2,4 doden per 100.000 inwoners), Zwitserland (3,3), Nederland (3,4) en Spanje (3,7). Italië (6,1), Griekenland (9,1) en Polen (10,3) doen het minder. De Verenigde Staten komen op een schrikbarende 10,6.