Nieuws

Oude meesters in oude grotten


Mensen konden dertigduizend jaar geleden nooit zo mooi holenberen schilderen, zo leek het. Wel volgens nieuw DNA-onderzoek.

Al jaren maken antropologen ruzie over door prehistorische mensen bewoonde grotten in de Ardéche in Frankrijk. De wanden van de in 1994 ontdekte ´grotten van Chauvet´ bleken bedekt met prachtige houtskooltekeningen van allerlei dieren. Ook van holenberen. Toen stukjes houtskool die op de bodem van de grotten verspreid lagen met de zogeheten C-14 methode werden gedateerd, wachtte een verrassing. Het verbrande hout was dertigduizend jaar oud – en de grottenkunst dus waarschijnlijk ook.

Chauvet-grottenkunst (zonder holenberen)

Onmogelijk, volgens Paul Pettitt, een van ´s werelds grootste kenners van prehistorische grotschilderingen. De Chauvet-schilderijen waren veel verfijnder dan de grottenkunst uit de wereldberoemde grotten van Lascaux, ook in Frankrijk. Maar die is de helft zo oud. Alsof er zeventiende-eeuwse oude meesters waren ontdekt in een middeleeuws schuurtje, vond Pettitt, werkzaam aan de universiteit van Sheffield, V.K.. Zelfs een tweede analyse van de koolstof ´isotopen´ in het Chauvet-houtskool overtuigde de eigenwijze Pettitt niet. Zijn argument: veel later levende mensen hadden stokoud houtskool gebruikt.

Maar nu is er een Franse studie, uitgevoerd in samenwerking met het laboratorium voor isotopenanalyse van de universiteit van Groningen. Onderzoekers van onder andere de universiteit van Saclay, Frankrijk, analyseerden daarvoor het DNA uit botresten van holenberen uit de grotten van Chauvet. In Groningen werd het holenbeerbot gedateerd met de C-14 techniek.
De C-14 datering bracht de leeftijd van de botten op tussen de 29.000 en 37.000 jaar. Ook toonde het DNA weinig variatie, wat wijst op een uitstervende populatie holenberen. Erg onwaarschijnlijk dat er veel later nog holenberen waren om nog te tekenen. Pettitt moet nu wel met heel goede tegenargumenten komen, zo lijkt het. Helemaal omdat een van de Chauvet-tekeningen bekrast blijkt door een klauw van een holenbeer.

Bron: C. Bon e.a., Journal of Archaelogical Science, in press; Beeld: Flickr